Julidochromis marlieri |
De vissen zijn monogaam en richten een paaiholte in, meestal wordt dan onder een steen een holte gegraven. Zodra de eitjes zijn afgezet wordt de nabije omgeving fel bewaakt. Ze schuwen er niet voor grotere vissen te verjagen. Niet lang nadat de eitjes zijn uitgekomen gaan de jongen rondzwemmen. Ze komen daarbij meestal niet ver van de plaats waar ze ter wereld gekomen zijn. Leuk is dat de larfjes al bij een lengte van nog geen centimeter de tekening van de ouderdieren al vertonen. Ze zijn groot te brengen met artemia en later met fijngewreven droogvoer en fijn levend voer. |
![]() Deze vis kan, vooral wanneer er nakomelingen in het geding zijn, behoorlijk agressief zijn. Ook wanneer zich uit meerdere dieren een koppel heeft gevormd, kunnen degenen die geen deel uitmaken hiervan naar de uithoeken van het aquarium worden gejaagd. Dergelijke dieren zijn vaak in een bovenhoek of achter een verwarming of iets dergelijks terug te vinden. Men doet er goed aan deze dieren uit te vangen en elders onder te brengen. |